Seattle Post-Intelligencer: online-only

Na de Christian Science Monitor heeft nog een groot Amerikaans dagblad de papieren versie vaarwel gezegd. Vandaag is de Seattle Post-Intelligencer voor het laatst verschenen.

Net als de Rocky Mountain News neemt ook de Post-Intelligencer afscheid met een filmpje vol met herinneringen van (oud-)medewerkers. sterker nog, op de site staat nu een hele serie van dit soort video’s.

Maar anders dan de krant uit Denver (die er helemaal mee ophield), gaat die in Seattle door op internet. Van de 150 journalisten blijven er 20 over, die multi-inzetbaar moeten zijn. “Geen verslaggevers, eindredacteuren of verwerkers meer – iedereen doet en is alles”. Om het beste resultaat te bereiken, “zullen veel traditionele regels doorbroken moeten worden en kijken we overal naar manieren om zo efficiënt mogelijk te werken”.

Of de 20 geselecteerde journalisten in staat zijn om de kwaliteit te bieden die voorheen door 150 collega’s werd gebracht, is natuurlijk de vraag. Maar voor het overleven van deze online-variant is het nóg interessanter om te achterhalen wat er gebeurt met de advertentie-dollars die tot gisteren aan de papieren versie werden besteed. Met andere woorden: hoe kansrijk is een web-only krant als het gaat om de omzet. Want hoewel het grote voordeel ten opzichte van de papieren krant vooral in de kosten zit (kleinere redactie, geen drukkosten, geen papierkosten, geen verspreidingskosten), zal er toch ergens geld moeten binnenkomen.

Volgens Scott Carp van het weblog Publishing 2.0 kunnen er vijf dingen gebeuren met het geld dat adverteerders voorheen over hadden voor de krant:

– het lost op

– het verschuift naar de site

– het verschuift naar de concurrent, de Seattle Times

– het verschuift naar concurrerende online-media

– het verschuift naar niet-lokale media (zoals Google en Craigslist)

Karp slaagt er nog niet in een “meest waarschijnlijke” variant aan te geven, hoewel hij alvast aangeeft niet te geloven dat de advertentiedollars zomaar zullen verdampen. “Iedereen die een krant runt, moet dit experiment onder een vergrootglas leggen”, bezweert Karp. Jay Rosen, hoogleraar journalistiek in New York, gaat nog een stap verder: andere kranten die in de problemen zitten, zullen ook de neiging hebben om de printversie vaarwel te zeggen. Maar ze zullen pas naar web-only gaan als ze weten dat het experiment in Seattle geslaagd is, aldus Rosen.

De grote vraag is echter of die andere kranten daarvoor de tijd zullen krijgen.