Gastbijdrage: Meedoen in het Debat – door te bloggen

MiraMedia houdt op 29 en 30 oktober een conferentie met de titel Media4[me]. Tijdens deze conferentie wordt ook een workshop over bloggen in de multiculturele samenleving georganiseerd. Ter gelegenheid daarvan heeft MiraMedia Patrick Pouw gevraagd een artikel over dit onderwerp te schrijven, onder andere als startpunt voor een discussie.

Door Patrick Pouw

Nieuwe media bieden minderheden de kans zich te mengen in het publieke debat. Het is een kwestie van het heft in eigen handen nemen.

Redacties zijn te wit. Journalisten weten niet wat er speelt in ‘allochtoon Nederland’. En minderheden krijgen te weinig de kans hún stem te laten horen in de media. Het zijn veelgehoorde klachten.

Maar juist nieuwe media bieden minderheidsgroepen de mogelijkheid zich actief te mengen in het publieke debat, zegt Alexander Pleijter, docent journalistiek en nieuwe media aan de Universiteit Leiden. ‘Vroeger hadden we een systeem waarbij de media in handen waren van een beperkte groep: uitgevers en journalisten. Het was moeilijk als je als minderheidsgroep – wàt voor minderheidsgroep dan ook – je stem wilde laten horen. Want journalisten bepaalden wie aan het woord kwam, en welke bronnen gebruikt werden.’

Laagdrempelig

Anno 2009 is dat anders, zegt Pleijter, die op 30 oktober op het door Miramedia georganiseerde congres Media4[Me] in Amsterdam WTC een workshop blogging geeft. ‘Internet biedt minderheden een goede en laagdrempelige kans om hun stem te laten horen, en het debat te laten kantelen. Op een weblog geef je de touwtjes niet uit handen aan journalisten. Al die weblogs vormen ook een verrijking van het debat, zeker als mainstream media meer gaan linken naar dit soort blogs.’

Dat betekent niet dat elke blogger meteen grote invloed heeft, waarschuwt Pleijter. ‘Je hebt niet zomaar een groot publiek, en het is niet vanzelfsprekend dat je als weblogger wél gehoord wordt. Daarom moeten bloggers niet alleen focussen op hun eigen blog, maar ook gebruik maken van diensten als twitter en nujij.nl om hun berichten breder te verspreiden. Het gaat erom de zichtbaarheid te vergroten, door het heft in eigen hand te nemen.’

Eigen podium

Dat gebeurt ook al. Neem Umar Mirza. Hij is met www.wijblijvenhier.nl al sinds 2005 actief op internet. Het idee kwam van zijn broer Faisal, die veel op weblogs rondhing. Samen bedachten ze dat het goed zou zijn als Nederlandse moslimjongeren van alle gezindten een eigen podium kregen.

‘We wilden op een opbouwende manier aan de slag, en zelf het heft handen nemen. Op ons weblog laten we soms een tegengeluid horen, maar we proberen ook echt een ander geluid te laten horen door zelf thema’s op de agenda te zetten.’

Humor was vanaf het allereerste begin een belangrijk strijdmiddel, zegt Mirza. ‘Humor is universeel. We wilden ook echt dat klaagtoontje vermijden –wat niet betekent dat er nooit geklaagd mag worden. Maar we proberen ook kritisch te kijken naar de eigen gemeenschap als dat nodig is.’

Vier jaar later heeft de 16-koppige redactie, bijgestaan door een wisselend collectief van gastschrijvers (‘gastarbeiders’), een trouwe schare lezers én een volle prijzenkast met Weblog-Awards.

Ook op andere fronten wint www.wijblijvenhier.nl aan invloed, zegt Mirza. ‘We worden serieus genomen als we media wijzen op fouten in berichtgeving. En onze redactieleden worden regelmatig gevraagd voor openbare debatten. Ook daar kunnen we onze stem laten horen.’

Eigen nieuws

Ook Kirsten Vos, van Indische komaf, wilde graag een ander geluid laten horen. Vanaf april 2008 is haar weblog indisch 3.0 in de lucht. ‘Er waren al wel Indische websites, maar daarop wordt vaak vanuit een slachtofferperspectief geschreven. Als ik dat las, dacht ik vaak: ‘Als dàt Indisch is, dan ben ik het niet’. Tegelijkertijd hadden we dus wel de behoefte om een ander geluid te laten horen – óók omdat in Nederland nauwelijks aandacht voor Indische onderwerpen is. Als er al over ons wordt geschreven is dat vaak vanuit een koloniale blik. Zo van: ‘Ach, die schattige Indo’s, die zo lekker kunnen koken’. Da’s allemaal niet echt goed voor het zelfbeeld. Indische jongeren kunnen daar niets mee.’

Het werd tijd voor een eigen forum, waarop objectief, nuchter en zakelijk over Indische onderwerpen werd geschreven. ‘Want we willen ook geen tempoe doeloe-blik, zonder te willen afgeven op wat eerdere generaties hebben gedaan.’

Het weblog brengt eigen verhalen over Indische kwesties. Die keuze voor eigen nieuws is een bewuste, benadrukt Vos. ‘Je ziet vaak dat op minderhedensites nieuws van anderen wordt overgenomen. Dat vinden wij te beperkt. Wij wilden zelf nieuws brengen, en daarmee echt iets toevoegen. We hebben er ook bewust voor gekozen de site voor iedereen toegankelijk te maken, en niet een afgeschermde hyvespagina te openen, zoals je vaak ziet bij minderheden op het web. Ook Nederlanders kunnen zo kennis nemen van onze verhalen. De site wordt ook steeds beter bezocht. Maar we zien het weblog vooral als een goed middel om ons zelfbewustzijn te ontwikkelen en te versterken.’

Ingezonden Brievenschrijver

Betekent dit allemaal dat bloggen de enige manier is voor minderheden om in de media hun stem te laten horen? Nee, zegt Ibrahim Wijbenga. Hij is al jaren zeer actief als ingezonden brievenschrijver – en zou daarmee blogger avant la lettre genoemd kunnen worden. ‘Ik heb lang gedacht dat de media behoorlijk partijdig was. Mede daarom heb ik mijn eerste stukken ondertekend met de naam ‘Bram Wijbenga’. Ik had het idee dat redacties bij het zien van mijn naam zouden denken dat ik òf één of andere rare bekeerling zou zijn òf dat ze mij als moslim sowieso partijdig zouden vinden.’

Maar Wijbenga –zoon van een Marokkaanse moeder en een Friese vader- merkte tot zijn verbazing dat ‘vijfennegentig procent’ van zijn ingezonden brieven de krantenkolommen haalden. ‘Redacties blijken wel degelijk open te staan voor een ander geluid: mits je stukken goed geschreven zijn, en ze voldoen aan voorwaarden als de maximum lengte.’

Bloggen is wat Wijbenga betreft dan ook geen wondermiddel. ‘Het is één van de manieren om als minderheidsgroep je stem te laten horen, zoals het sturen van ingezonden brieven en zelforganisatie ook manieren zijn. Ik had het vooroordeel dat media niet zouden willen luisteren, maar dat bleek niet het geval. We moeten stoppen met mokken, en zelf het heft in handen nemen. Het is tijd om zelf verantwoordelijkheid te nemen.’