Wat goed is voor de concurrent…

Stel je voor dat je in je regionale krant een bericht aan het lezen bent over pakweg een brandstichting. Allemaal details over de toedracht en de mogelijke daders en nog een foto van het incident ook. Business as usual dus. Maar stel nu eens dat er direct náást dat artikel een ander stuk staat, over hetzelfde onderwerp, maar dan aangeleverd door een concurrerende krant. Met allerlei aanvullingen die je in het eerste stuk niet las. En – we gooien alle remmen los – stel dat daar weer naast nog wat kleinere stukken staan die vanuit weer andere invalshoeken het verhaal helemaal compleet maken.

Voor de klant die geïnteresseerd is in die specifieke brandstichting (omdat hij in de buurt woont bijvoorbeeld) kan het aantrekkelijk zijn, omdat deze vollediger wordt geïnformeerd en het ook nog eens allemaal op een keurig presenteerblaadje krijgt aangeleverd.

En toch is de situatie ondenkbaar. Toch? Welk medium doet nou zo iets? Welke publicatie wil ook maar de schijn wekken dat er meer media nodig zijn om het verhaal compleet te krijgen? Wie durft niet alleen toe te geven dat het altijd beter kan, maar geeft daar zijn klanten vervolgens ook nog eens een oplossing voor? Niet een keer, maar structureel. En, nu gaan we echt helemaal los, wie zou dat ook nog eens zodanig doen dat het resultaat deze concurrent in staat stelt er wat extra bereik (en dus inkomsten) mee te verkrijgen?

Ja, wie dat doet moet wel hartstikke gestoord zijn.

En toch doen we het. Nu al. In onze pilot in Eindhoven.

screenshot tweetdeck overeind

De bovenste tweet verwijst naar een bericht op het Eindhovens Dagblad, de onderste naar ons eigen bericht. Beide staan broederlijk naast elkaar op onze site OverEindhoven.nl.

Zijn we daarmee helemaal gek geworden? Bezien vanuit een klassieke mediaperceptie wel, maar wij zijn er van overtuigd dat er een nieuwe situatie is ontstaan. Eentje waarbij het burchtdenken heeft plaatsgemaakt voor openheid en waarbij de verdienmodellen beter functioneren naarmate het ook beter gaat met je soortgenoten.

Toegegeven, we zullen die theorie nog wel even moeten onderbouwen met succes in de praktijk. Maar daar werken we nu hard aan. In Woerden, Zwolle, Eindhoven en later hopelijk ook in de rest van het land.