Relevant verrassende journalistiek, het idee van Jeroen Smit

Jeroen Smit is één van de “101 denkers over inzichten en innovaties die ons land verander(d)en”. Met honderd collega-denkers leverde hij een bijdrage aan het boek “Nederland in ideeën”, een initiatief van de Mark Geels en Tim van Opijnen. “Opdat vandaag een idee ontstaat dat blijft hangen en de wereld duurzaam zal veranderen.”

Dat laatste geldt zeker niet voor alle 101 bijdragen in het boek, dat desondanks 350 pagina’s lang plezierig optimistisme uitstraalt. Sommige zijn daarvoor te lokaal van aard, andere te kleinschalig, weer andere schijnbaar onhaalbaar. Maar een voor een kunnen ze door-denkers inspireren tot 101×101 nieuwe ideeën, die op hun beurt weer 10201 duurzame veranderingen in ons wereldbeeld kunnen veroorzaken. Nog is de wereld niet verloren…

Het idee van Jeroen Smit – zelf noemt hij het “een zeer ruwe schets” – verdient zo’n vervolg. Zijn gedachten over een krachtige en betaalbare informatievoorziening (journalistiek dus) zouden inderdaad de wereld een duwtje in de goede richting kunnen geven. Ga maar na: hoe beter geïnformeerd een volk is, des te sterker het democratische proces en des te krachtiger de samenleving zelf. “Relevant verrassende journalistiek”, is noodzaak.

Smit bouwt ten dele voort op de oratie die hij eerder dit jaar aan de Rijksuniversiteit Groningen gaf. Hij benadrukt het belang van goede journalistiek, juist nu. “We hebben meer goed ingevoerde journalisten nodig die feiten van fictie kunnen onderscheiden, verbanden leggen en nieuws hanteerbaar maken.” Smit ziet deze mensen als “sociale ondernemers”, wier activiteiten de maatschappij dienen en in hoge mate interactief zijn.

De belemmeringen om daar te komen liggen zowel binnen als buiten de sector, zegt Smit terecht. “De huidige generatie journalisten vindt haar werk belangrijk, maar vindt ook dat anderen daarvoor de faciliteiten moeten verzorgen.” En laat het daarvoor nou net helaas te laat zijn. Maar de Groningse hoogleraar ziet ook wel dat de sector het niet alleen af kan. Zijn beschrijving van de ideale praktijk omvat dus zowel interne als externe factoren.

Kern van de journalistiek ligt in de lokaal-regionale informatieoverdracht, zegt Smit. Om dat werk volwaardig en onafhankelijk te kunnen blijven doen, moet de bekostiging goed geregeld zijn. En juist daarom moeten we dus op zoek naar een nieuw, duurzaam financieringsmodel. Hij ziet drie partijen, die ieder eenderde deel van de kosten opbrengen: de consument, de adverteerder en de overheid. Dat zijn geen nieuwe partijen: alle drie spelen ze ook nu al een rol in journalistieke verdienmodellen. Zo drijft De Correspondent op de consument, nu.nl op de adverteerder en NOS op de overheid. De vernieuwing van Smit zit ‘m niet alleen in een slimme combinatie van de drie, maar ook in de logica voor de afzonderlijke partijen.

1. Als voldoende consumenten bereid zouden zijn pakweg 5 euro per maand te betalen voor een overzichtelijke nieuwsstroom, dan is er een stevige basis gelegd voor het systeem.

2. Omdat slimme algoritmes het leesgedrag van deze consumenten verzamelen en aantrekkelijk maken voor lokale adverteerders, is ook deze groep bereid te blijven investeren.

3. En juist vanwege de maatschappelijke relevantie van het werk, heeft de overheid er een bijzonder belang bij.

Juist omdat een bijdrage van die laatste (de overheid) de meeste weerstanden oproept, is het volgens Smit goed te beseffen dat aan beide kanten van de medaille (betaler en betaalde) de voordelen groot zijn. Een beetje tegendraads stelt Smit dan ook dat hoe onafhankelijker en kritischer die journalist zijn controlerende werk doet (“bel die wethouder gewoon elke dag op!”), des te beter zowel de journalistiek als het openbaar bestuur wordt. Daar heeft hij het volste gelijk in, maar het zal desondanks niet makkelijk zijn de betrokkenen ervan te doordringen.

Het is mede daarom niet realistisch om te verwachten dat Smits ideeën direct in heel Nederland uitgevoerd kunnen worden. Het kan dan ook interessant zijn om een of twee proefgemeenten bereid te vinden. Liefst gemeenten die nu relatief slecht gecoverd worden door de lokale pers, zodat de behoefte aan meer het grootst is.

Ideeën, iemand?

PS: wie het boek “Nederland in ideeën” heeft, leze vooral ook de twee bijdragen over de fiets: “Wij zijn wie we zijn, dankzij de fiets.” Zo is het. Maar dat terzijde.

Nederland in Ideeën, Maven Publishing. ISBN 9789490574987, mavenpublishing.nl